
Proclamatie;
Ik Prins Ewold de 1ste,
Vorst van het Nölerrijk,
Groot Hertog van het 1ste autobedrijf in Spankeren,
Meester van het spoor,
Beschermheer en vader van onze 4 kinderen; Sylvain, Keano, Phileine & Veerle. Gekozen bij de gunst van de President en Raad van 11, bijgestaan door mijn Adjudant, hofdame en onze vrouwen.
Proclameer dat;
- Ooit opgekomen als heks en prins in Nölerland,nu staan we hier als Prins en Adjudant.
- Met een datum als 11-11-11 gaat het Carnaval vieren dit jaar vanzelf.
- Om 1 seizoen als prins te leven, zullen mijn kinderen hun vader in bruikleen geven.
- Met al onze Nölerkinderen groot en klein maken wij van Carnaval een groot festijn.
- Met fruhshoppen gaan we dit jaar pionieren, vanaf onze Nölerbrucht trekken we rond naar Zuid-Dieren.
- Af en toe het bier verdunnen met water, dat bespaart de volgende dag een kater.
- Als de dansvloer vol is met leut en gein, zal de muziek geen spelbreker zijn.
- Als machinist dender ik door het Carnaval, het spoor bijster raak ik in GEEN geval.
- Ook al ben ik vaak verlaat, dit Carnaval sta ik paraat.
- Uw munten “bier-spat”dicht opgeborgen, met het rubbertje er tussen, geen zorgen.
Dat wij Prins Ewold de 1ste en Adjudant André en alle Carnavallisten, er een groot feest van maken onder ons motto;
“Wie veur vàstenaovend nie gek hef gedoan, is nie good wies!!”